Steun ons en help Nederland vooruit

woensdag 14 oktober 2020

BUURTZORG /Jong en Culemborg?

https://zoom.us/rec/share/KRdtBVYJjPJf-FrUYQlw4gYej7t6Gbl3t66tiOyemZKA2OUYe8558s868FChVms.JAYR1j9IouLGVTns                                                         

In gesprek met Johan Rijcken over Buurtzorg(jong).
Zoom meeting woensdag 14 oktober 2020, organisatie D66 Culemborg.
Deelnemers: woordvoerders sociaal domein/raads- en commissieleden Culemborg; de wethouder S. Baggerman en de programma coördinator H. Terlien.

Positionering van deze informatieavond
‘De zorg is een zorg in Culemborg!’, de kosten lopen op, de dienstverlening verarmt. We komen er niet met ‘verbeteren’ en ‘optimaliseren’. Het moet anders, maar hoe dan? Er is een grote budgetoverschrijding in het sociaal domein en hierdoor kan de kwaliteit in de knel komen. Er wordt gewerkt aan efficiency, maar Culemborg worstelt met de transitie, de systeemverandering. Als raadsleden zijn we op zoek naar vernieuwers en dwarsdenkers die stukjes van de puzzel in handen hebben. Mensen die zicht kunnen bieden op delen van de oplossing. We zien Zaltbommel als een van de voorbeelden. Op woensdag 14 oktober ontmoetten we daarom de Culemborger Johan Rijcken. Johan werkt al zijn hele leven in de zorg, net als zijn ouders, en heeft HBO-V en gezondheidswetenschappen gestudeerd. Hij kent daardoor veel verschillende zorgsystemen die door de jaren heen in Nederland zijn uitgeprobeerd. Hij is ook bekend met de Buurtzorg-methode. Inmiddels adviseert Johan diverse gemeenten, naast zijn werk in de zorg. Hij deelt graag zijn ervaringen met ons.

In deze samenvatting benoemen we de belangrijkste punten die hij aandraagt.

Subsidie en overhead
Doordat grote bestaande zorgaanbieders veel overheadkosten hebben, komt subsidie die bedoeld is voor zorgactiviteiten indirect op een andere plek terecht: bij de organisatie, coördinatoren, managers en toezichthouders. Dit systeem in stand houden betekent dat er ca. 15% overhead op iedere loonsom van een fte HBO/WO meegefinancierd moet worden. Overhead schrappen betekent kostenbesparing.

Zelfsturend team
Als overhead en organisatie geschrapt worden, houdt je alleen professionals over. Dit is de kern van “ buurtzorg”. Er zijn geen managers meer, en taken worden niet langer opgeknipt in intaker, regisseur, coördinator, etc. In een zelfsturend team werken professionals uit eigen verantwoordelijkheid en worden zij voortdurend (bij-)geschoold. Voor nieuwkomers en stagiaires is er het meester-gezel model. De professionals zijn minimaal HBO-ers met vakkennis en commitment aan de doelgroep. Vertrouwen in de vakkennis van en het mandaat aan de professional is een belangrijk sleutelbegrip. Weten dat er mandaat is om zelf activiteiten te plegen die nodig zijn werkt stimulerend en enthousiasmerend. Eigenheid en professie staan voorop. Werken aan samenhang, neuzen dezelfde kant op, handen uit de mouwen en waar nodig ‘out of the box ’ opereren zijn belangrijke pijlers. Professionals blijven met elkaar in gesprek en werken eraan om dezelfde taal te (leren) spreken.

Preventie
De professionals werken preventief. Zij weten wat er in de wijken gebeurt en kunnen daardoor snel en adequaat oplossingen aan reiken als er een probleem is. In contact komen gaat vaak “out-of-the-box” door te helpen in de buurt of in het gezin. Denk aan het repareren van een kraan of voetballen met jongeren. Meekijken en vertrouwen organiseren achter de voordeur is essentieel om goed te kunnen signaleren en adequate inzet te plegen. Jongeren worden uit de anonimiteit gehaald. Professionals doen vervolgens wat nodig is.

Eigen Inkoop Jeugd
Van alle jongeren heeft ongeveer 15% zorg nodig en hiervan is 2% ingewikkeld. De inkoop van Jeugd GGZ is losgekoppeld van de regio-inkoop. Men blijkt veel meer zelf te kunnen oppakken en alleen waar echt nodig wordt er doorverwezen. Niet ver weg maar in de leefomgeving. Ook residentiele zorg wordt zelf ingekocht. Jongerenwerk goed neerzetten betekent samenwerken van jongerenwerkers, welzijnswerkers en politie.

Geen administratie
Buurtzorg investeert in de eerste lijn en werkt met lokale aanbieders. Buurtzorg draagt bij aan één plek, waar zorg vanuit de gemeente wordt georganiseerd in de wijk, laagdrempelig en herkenbaar en directe activiteiten aanbiedend. Geen gelaagdheid, een heldere subsidiestroom voor activiteiten die nodig zijn. Administratie is geen doel op zich, maar een vorm van communicatie. Je collega moet wel weten waar jij bent gebleven mocht jij ziek worden!

Het aanbieden van thuiszorg gebeurt door een team van maatschappelijk werkers en sociaal verpleegkundigen, en deze zijn integraal verantwoordelijk voor zorg aan inwoners van 24+. Hieronder valt ook de ook de ouderenzorg. Er is een inloopplek een ook de wijk houdt de buurt in de gaten. Er is samenwerking op de oude WMO-taken zoals het faciliteren van vervoer en aanpassingen in huis.

Anders doen, betekent ook stoppen met wat je eerst deed
Als je de werkwijze aanpast (of dat nu als Buurtzorg is of niet), betekent dat dat je afscheid moet nemen van wat je eerst deed. Dat betekent dat je in het begin hogere kosten zult hebben en extra werk. IN elke beslissing blijf je trouw aan de nieuwe werkwijze. Geen compromissen. Zo werd in Zaltbommel het gehele contract gestopt met de Welzijnsorganisatie. Mensen die daar werkten konden op andere plekken in de nieuwe structuur wellicht een plek vinden. Ook werden subsidies gestopt aan een veelheid van individuele initiatieven. Het is van groot belang om snel het gesprek te voeren over waar je mee gaat stoppen. Deels levert dit ook de financiën op voor de reorganisatie.